Spelling en Woordenschat H1&2

Spelling en Woordenschat H1&2

Je kunt/ weet:
  • wat een synoniem is (Woordenschat H1);
  • een woordraadstrategie gebruiken om de betekenis van een onbekend woord te vinden (Woordenschat H1 & 2);
  • een omschrijving van een woord in de tekst vinden (Woordenschat H2);
  • wanneer je hoofdletters moet gebruiken (Spelling H1);
  • punten, vraagtekens en uitroeptekens gebruiken (Spelling H1);
  • woorden opzoeken in een woordenboek of woordenlijst (Spelling H1);
  • hoe ik kan bepalen of een woord op -t of -d eindigt (Spelling H2);
  • de stam van een werkwoord vinden (Spelling H2).

Maak de proeftoets als je denkt dat jij de bovenstaande competenties beheerst. Vraag een toetspapier aan jouw docent, maak de toets en lever deze in bij jouw docent. Succes

De toets wordt nagekeken door leerlingen van een parallelklas

Screen Shot 2014-11-10 at 21.32.56

Screen Shot 2014-11-10 at 21.33.28 Screen Shot 2014-11-10 at 21.34.13-2

Screen Shot 2014-11-10 at 21.35.43

Screen Shot 2014-11-10 at 21.36.04 Screen Shot 2014-11-10 at 21.36.29